Een rondje over de dijk, langs een sloot of door de polder: voor veel honden op Goeree-Overflakkee is het dagelijkse kost. Tijdens zo’n wandeling kunnen ze in aanraking komen met grasaren. De kleine zaden kunnen zich vastzetten in de vacht, tussen de tenen, in de oren of zelfs in de neus en daar voor veel pijn en ontstekingen zorgen.
Ook Dierenartsenpraktijk Oude-Tonge en de Wurft waarschuwen voor de risico’s. “De zomer is een fijne tijd om buiten te zijn, maar brengt ook risico’s voor onze huisdieren met zich mee.” Volgens de dierenartsen kunnen grasaren gemakkelijk in het lichaam van een hond terechtkomen. “Dit kan zeer pijnlijk zijn en in sommige gevallen leiden tot ontstekingen of ingrepen.”
Grasaren worden ook wel kruipers genoemd en hebben kleine weerhaakjes. De scherpe aren kunnen via de huid, oren, neus of poten het lichaam binnendringen. Door de weerhaakjes kunnen ze maar één kant op en dat is dieper het lijf in.
Weinig klachten
In Herkingen geeft het grootste deel van een twintigtal hondeneigenaren desgevraagd aan dat hun hond nog geen problemen met grasaren heeft gehad. Ook van andere hondenbaasjes horen de ondervraagde inwoners weinig klachten. Een inwoonster oppert dat het misschien komt doordat bekende uitlaatplekken, zoals bij de bosjes en de haven, goed worden gemaaid.
Eén van de ondervraaagden kent wel iemand die al een paar keer met de hond naar de dierenarts moest vanwege grasaren. Een andere hondeneigenaar heeft er zelf ervaring mee. Haar hond had een grasaar, maar doordat ze de hond na het uitlaten controleerde, ontdekte ze die op tijd. De grasaar zat nog niet diep in de huid en kon daardoor zelf worden verwijderd.
Ook wordt er door een inwoonster bij het uitlaten bewust op gelet waar de hond loopt. “Bij plekken waar meer grasaren zijn, let ik er wel op dat hij daar niet vrolijk doorheen huppelt.”
Grasaarvrij-dag
De Koninklijke Hondenbescherming wil met een landelijke Grasaarvrij-dag in mei 2027 aandacht vragen voor het voorkomen van grasaren. Daarbij worden hondeneigenaren opgeroepen om mee te helpen grasaren te verwijderen op plekken waar veel honden komen.
Volgens de organisatie is maaien pas effectief als dat op het juiste moment gebeurt. Zodra grasaren zijn uitgedroogd en de zaden loslaten, kan maaien het probleem juist verspreiden. “Door grasaren al in het voorjaar te verwijderen, voordat de zaden loslaten, kan veel dierenleed worden voorkomen.” Ook is het volgens de organisatie belangrijk om het maaisel direct af te voeren.
Ook Dierenartsenpraktijk Oude-Tonge en de Wurft waarschuwt dat maaien op het verkeerde moment weinig zin heeft. “Dat heeft geen zin omdat ze dan juist overal gaan zwerven en dit het probleem juist erger maakt.”
Bij de Grasaarvrij-dag wil de Hondenbescherming samenwerken met gemeenten. Gemeenten kunnen grotere groenstroken langs hondenuitlaatroutes en in losloopgebieden onderhouden. Hondeneigenaren kunnen ondertussen kleinere en lastig bereikbare plekken aanpakken, bijvoorbeeld rond lantaarnpalen, bomen, paaltjes en stoepranden.
Huisdieren controleren
Hondeneigenaren kunnen zelf het nodige doen om problemen te voorkomen. Een voor de hand liggende oplossing is om zoveel mogelijk hoog, droog gras te vermijden en de hond niet door bermen met veel grasaren te laten rennen. Verder wordt aangeraden om na iedere wandeling de hond goed te controleren. Vooral tussen de tenen, rond de oren, oksels, liezen en ogen verdienen aandacht. Bij langharige honden kan het helpen om het haar tussen de tenen en rond de oren kort te houden. Ook katten die buiten komen, kunnen een grasaar oplopen en moeten daarom regelmatig worden gecontroleerd.
Een hond die veel met zijn kop schudt, plotseling veel niest of voortdurend aan een poot likt, kan last hebben van een grasaar. Ook veel krabben aan een bepaalde plek, een pijnlijke of gezwollen plek of ander opvallend gedrag kan een aanwijzing zijn.
De dierenartsen adviseren om bij twijfel contact op te nemen. Grasaren kunnen snel dieper het lichaam in gaan en daardoor flinke pijn en schade veroorzaken.