In de haven van Ouddorp werden de palinkjes eerst geteld, gewogen en gecontroleerd op gezondheid. De Ouddorpse beroepsvisser Aren Bezuijen meerde zijn kotter OD16 aan in zijn thuishaven. Hij werd bijgestaan door enkele collega-beroepsvissers, om de enorme hoeveelheid jonge paling te helpen uitzetten. Deze grote aantallen jonge palingen zijn mogelijk door de natuurlijke aankomst van jonge palingen (glasaal) aan de Europese kusten, die vanaf 2011 een duidelijke stijging laat zien (ICES-rapport 2019). Omdat de Europese kusten veelal ondoordringbaar zijn voor jonge palingen, wordt een deel van de paling, zie zich met name in Frankijk massaal ophoopt, in Nederland en andere Europese landen uitgezet.
De jonkies zijn afkomstig uit Nederland, waar ze in een kwekerij enkele maanden apart werden gehouden om aan te sterken. Ze werden echter in de riviermondingen van Frankrijk opgevangen, waar ze aankwamen na een reis via de Golfstroom vanuit de 6.000 kilometer verderop gelegen Sargassozee (Bermudadriehoek). In dat gebied worden alle Europese palingen geboren.





