Grote sloten worden meestal door het waterschap zelf gemaaid, kleine sloten vaak door de eigenaren van het aangrenzende perceel. Als het onderhoud niet goed is uitgevoerd, krijgen de eigenaren een brief van het waterschap. De maaischouw helpt bovendien om wateroverlast in de natte herfst- en wintermaanden te voorkomen.
Slootonderhoud
Voor elke sloot staat vast wie verantwoordelijk is voor het onderhoud. Het werk bestaat uit het verwijderen van waterplanten, bladeren en afval uit de sloot, het maaien van de slootkanten, het schoonmaken van duikers onder bijvoorbeeld opritten, het verwijderen van bagger en het zorgen dat er geen takken te dicht bij of in de sloot hangen. Hoe vaak deze werkzaamheden nodig zijn, hangt af van de situatie ter plekke. Gras maaien langs de sloot is bijvoorbeeld vaker nodig dan bagger verwijderen. Eigenaren kunnen dit zelf doen of een hovenier of aannemer inschakelen.
Bij brede sloten van meer dan drie meter is het genoeg om alleen het doorstroomprofiel vrij te maken, zodat een deel van de begroeiing kan blijven staan. Bij smallere sloten moet alle beplanting worden verwijderd om dichtgroei te voorkomen.





