Het gebouw is bij de vorming van de nieuwe gemeente in 2012 uitgebreid met tijdelijke huisvesting rondom de oudbouw. Het onderhoud daarvan kost veel geld. Ook zijn investeringen nodig voor onderhoud, duurzaamheid en Arbo-technische zaken om aan de geldende wet- en regelgeving te blijven voldoen. Daarnaast past het huidige gebouw volgens de gemeente niet meer bij de organisatiefilosofie en de identiteit, voor wat betreft laagdrempelig, optimale en veilige dienstverlening.
In de startnotitie is de voorkeur voor nieuwbouw te lezen. Uit een vergelijking tussen nieuwbouw en renovatie, uitgevoerd door een architect en een ingenieursbureau, blijkt dat nieuwbouw de beste optie is. De jaarlijkse kapitaal- en exploitatiekosten van de nieuwbouw passen binnen het huidige beschikbare budget. Dit geldt echter niet voor de lasten van renovatie van het huidige pand, al zijn in deze inschatting de kosten voor inrichting van het gebouw en aanpassing van de openbare ruimte nog niet meegerekend.





